Het dwaallicht
Willem Elsschot


1946, proza
Het dwaallicht

Weinig personages uit onze literatuur spreken zo tot de verbeelding als Maria Van Dam. Dat dankt ze niet aan het feit dat Willem Elsschot haar zo goed heeft getypeerd of dat we dus allerlei interessante dingen over haar weten. Precies het tegendeel is waar: we weten eigenlijk bijna niets over haar.

Het Dwaallicht is het sluitstuk van het bondige en intrigerende oeuvre van de nog altijd onmetelijk populaire Willem Elsschot. Hooguit vijftig pagina's telt deze novelle, en toch blijft dit verhaal een onuitputtelijke bron van inspiratie. De avondlijke zoektocht van de ietwat uitgebluste Frans Laarmans en drie Afghaanse matrozen naar de mysterieuze Maria Van Dam werd verfilmd, 'verstript', op muziek gezet en bewerkt voor theater. In Antwerpen kun je met een grondplan in de hand ook Laarmans' spoor volgen naar de Kloosterstraat 15, waar hij en de verliefde zeemannen Maria hoopten te vinden.

In de novelle blijkt Maria weliswaar onvindbaar. Het adres dat de matrozen van haar hebben gekregen is een vals spoor. En net zo min als de verlopen nachtfiguren die hun pad kruisen slaagt de politie erin om Laarmans en zijn gezellen op de juiste weg zetten.

Doordat het speurende viertal Maria maar niet kan vinden, krijgt hun zoektocht bijna metafysische dimensies. Die indruk wordt versterkt doordat Elsschot zijn verhaal met allerlei religieuze verwijzingen heeft gekruid. De voornaam van de onvindbare schone is uiteraard al een aanwijzing, maar Elsschot roept ook op subtielere manieren Bijbelse herinneringen op.

Dat de Antwerpse schrijver uitgerekend Frans Laarmans het westerse en christelijke wereldbeeld aan de Afghanen laat uitleggen, is een slimme vondst. Laarmans loopt immers niet hoog op met al wat kerk en staat vertegenwoordigen. Hij sukkelt daardoor op een tragikomische manier van de ene ongemakkelijke situatie in de andere. Zoveel moeite het hem kost om zich door de dialogen met de Afghanen te spartelen, zoveel plezier heeft Elsschot als auteur aan het bedenken van die situaties en gesprekken voelbaar beleefd.

Wie Het Dwaallicht vandaag leest, kan even schrikken van de manier waarop de drie Afghanen zonder veel omhaal 'rijstkakkers' worden genoemd. Ze worden als ietwat dommige 'zwartjes' geportretteerd die zich maar niet willen realiseren dat ze bij de neus werden genomen. Sinds 1946, toen de novelle voor het eerst werd gepubliceerd, is er gelukkig veel veranderd. Toch is het opvallend hoe actueel en herkenbaar veel situaties uit de novelle nog zijn. 'Zakkennaaisters' zoals Maria Van Dam komen bij de grote zeeschepen wellicht niet meer aan boord, maar de misverstanden en vooroordelen waarmee 'Ali Khan' en zijn trawanten in Het Dwaallicht te maken krijgen, behoren helaas niet tot het verleden.

Toch is Het Dwaallicht zeker geen aanklacht. Want terwijl steeds duidelijker wordt dat Laarmans erg van zijn westerse cultuur, godsdienst en eigen gezin is vervreemd, blijken de verlangens, hoop en zorgen van de drie verre vreemden plots juist heel herkenbaar. De groeiende vriendschap tussen Laarmans en de drie vreemde snuiters is dan ook hartverwarmend.

Het Dwaallicht is een korte novelle, maar alle elementen die van Willem Elsschot een uitzonderlijke schrijver maken zitten in dit verhaal vervat. Dat lijken op het eerste gezicht vaak tegenstellingen, maar Elsschot wist het onverenigbare in zijn werk te verenigen: droog en zakelijk, maar ook gevoelig en poëtisch. Onlosmakelijk met de eigen stad verbonden, maar ook erg universeel. Vol treurnis en melancholie, maar ook komisch en vol ironie.

Soms is het zoeken beter dan het vinden.

 

Meer weten?

- Het Willem Elsschot Genootschap bestudeert de persoon Alfons De Ridder en het werk van de auteur Willem Elsschot. Het genootschap ontsluit en bestudeert zijn literair en zakelijk archief en promoot ook zijn werk.
- In aflevering 8 van de reeks 'Zot van Elsschot' gaan acteur Chokri Ben Chickha en journalist Eric Rinckhout op zoek naar Maria Van Dam.
- Schrijfster Heleen Debruyne koos op 11 mei 2016 in de rubriek 'Passage' (in De Morgen) voor een fragment uit Het Dwaallicht. Ze legt ook uit wat ze zo bijzonder vindt aan deze novelle.
- Ook schrijver Dimitri Casteleyn koos in de rubriek 'Passage' (De Morgen, 14/12/2016) een fragment uit Het Dwaallicht
Het dwaallicht - Daniel

Willem Elsschot

Willem Elsschot
Naast zijn werk als schrijver was de Antwerpse schrijver Willem Elsschot (1882-1960) een bedreven zakenman in de reclame. Daarom koos hij voor een pseudoniem; in het dagelijkse leven heette hij Alfons de Ridder. Heel wat personages van Elsschot zijn net als hijzelf zakenlui.
 
Aanvankelijk schreef Elsschot vooral poëzie, maar gaandeweg koos hij steeds resoluter voor proza. In zijn bundel Verzen van vroeger (1934) is o.a. het legendarische gedicht ‘Het huwelijk’ opgenomen. In 1947 schreef hij een gedicht voor de Vlaamse activist August Borms. Dat leidde tot veel onbegrip, en veel van zijn vriendschappen zijn sinds die publicatie verwaterd.
 
Het proza van Elsschot is zakelijk maar ook komisch. Boorman en Laarmans, twee personages die er vaak in terugkeren, geven gestalte aan twee schijnbaar tegengestelde eigenschappen: cynisme en mededogen, of blinde ambitie en kleinmenselijke twijfel. Die ambivalentie typeert ook Elsschots eigen persoonlijkheid.
 
Naast Het dwaallicht (1946) – waarvoor hij in 1948 de Staatsprijs voor verhalend proza ontving – zijn ook Lijmen/Het been (1924/1938) en Kaas (1933) erg bekend. In 1951 werd Willem Elsschot als eerste Vlaming met de Constantijn Huygensprijs bekroond. Verscheidene van zijn romans – waaronder zijn erg populaire debuut Villa des Roses (1913) en Lijmen (1924) – werden later verfilmd.