Kies je taal:

Mariken van Nieumeghen


1500 < > 1515, theater

De duivel overhaalt Mariken om met hem mee te gaan. Als ze hem volgt zal hij haar alle talen van de wereld en de zeven vrije kunsten leren. Hij heeft echter twee voorwaarden: ze mag geen kruisteken meer maken en ze moet haar naam veranderen. Met het eerste heeft Mariken geen probleem, het tweede ligt moeilijker. Maar Mariken en Moenen komen tot een compromis.

Bron

Mariken van Nieumeghen & Elckerlijc. Zonde, hoop en verlossing in de late middeleeuwen (1998). Vertaald [uit het Middelnederlands] door Willem Wilmink. Met een inleiding en een teksteditie door Bart Ramakers. Amsterdam: Prometheus / Bert Bakker, p. 68-75.

Mariken

Wat suldi noch leeren?

 

Die duvel

                            Dat sal ick u verclaren:

alle die talen der werelt sal ick u leeren.

So sal u alle die werelt verheffen ende eeren,

want alle die talen te connen, ghi en weet niet wat si.

Ende dan die seven vri consten daer bi,

tes om van elcken verheven te sijn seer excellentelijc.

 

Mariken

Daenhoren versacht minen druck tormentelijck,

gheheel obedientelijck

              stel ick mi touwen wille, ende ghijt so doet.

 

Die duvel

Maer een bede sal ic aen u begheren, beelde soet.

En ghi mi dit doet, het sal u wel baten.

 

Mariken

Wat beden es datte?

 

Die duvel

              Dat ghi uwen naem soudt willen laten

ende geven u selven eenen anderen naem van nu aen voort.

Mariken es voer mi een ombequaem woort:

bi eender Marien ic ende mijn geselscap sulc grief hebben,

dat wi nemmermeer dien naem en sullen lief hebben.

Doet doch u selven Lijnken, Grietken of Lijsken noemen.

Ick belove u, eer dat jaer lijt, het sal u vromen

meer dan ghi noyt hadt van vrienden oft magen.

 

Mariken

Ey lacen, twi mach u dien naem meshaghen?

Tes doch den edelsten ende den soetsten naeme

van alle der werelt ende elcken bequame.

Mariken oft Maria, hoe moechdi dien naem veten?

Om al dat leeft en wille ic anders niet heten.

Mi dunct, men mach dien naem niet versoeten.

 

Die duvel

Ey ey, nu es mijn werck weder al onder die voeten,

can ick desen naem niet doen veranderen.

Hoort lief, willen wi wandelen met malcanderen,

soe moetti uwen naem veranderen, al deret u seer,

oft wi moeten scheyden. Ende voort noch meer

moetti mi beloven. Peyst: belofte es schult.

 

Mariken

Wat sal ick beloven?

 

Die duvel

              Dat ghi u nemmermeer seghenen en sult.

Wat dat u toe compt oft pijnt te deerne,

ghi en moecht u niet seghenen.

 

Mariken

                            Dat belove ick u gheerne.

Aent seghenen en leyt mi niet veel an.

Maer minen naem ick qualic gheloechenen can,

want Maria, daer ic naer hete, dats alle mijn troost,

mijn hope. Want alse mi yet grieft of noost,

roep ic ter stont op Haer om een bevredinghe.

Oeck dien icxse daghelicx met eender bedinghe,

die ic van ioncx hebbe gheleert.

Maria die wert van mi gheeert

also lange als ic kennisse hebbe, des niet en fael ic.

Al sla ic int wilde of al regeer ic mi qualic,

haer te loven en mach niet zijn vergheten.

 

Die duvel

Nu, om dat ghi so seer sijt vervleten

op dien name, hoort, ic sal u noch begheren nettere:

ick ben te vreden dat ghi hout deerste lettere

van uwen name, vrou ongheblaemt fijn,

dats de M: dus suldi Emmeken genaemt sijn.

In u lant sijn doch veel maechden ende vrouwen

die Emmeken ghenaemt sijn.

 

 

Mariken

                            Nu wel, Moenen, mach ic niet behouwen

minen rechten name, lyever dan wi scheeden souwen,

              so ben ic metter eerster letter te vreden.

Emmeken sal ic heeten tallen steden,

nochtans en doe icx niet gheerne.

MARIEKE

Wat zul je me leren?

 

DUIVEL

                            Dat zal ik je verklaren:

alle talen ter wereld zal ik je leren,

zodat alle mensen je zullen eren.

Alle talen te kennen, dat is zo fijn.

Voorts de zeven wetenschappen die er zijn.

Zo imponeer je elkeen ogenblikkelijk.

 

MARIEKE

Ik voel me niet meer zo verschrikkelijk

en heel inschikkelijk

              doe ik jouw wil, als jij de mijne doet.

 

DUIVEL

Nog één verzoek, mijn beeldje zoet,

opdat je voorgoed mij zult bevallen.

 

MARIEKE

Wat voor verzoek?

 

DUIVEL

                            Laat je naam vallen,

noem jezelf voortaan bij een andere naam.

Maria, dat klinkt zo onaangenaam:

een zekere Maria geeft ons zo veel ellende,

dat wij die naam haten, ik en mijn bende.

Laat je met Trijntje, Grietje of Lijsje aanspreken.

Het geeft je meer voordeel, eer het jaar is verstreken,

dan je ooit van familie of vrienden hebt gekregen.

 

MARIEKE

Die naam, wat heb je daar toch tegen?

’t Is de edelste, liefste van alle namen,

dat zullen alle mensen beamen.

Marieke, Maria, ik zou niets mooiers weten.

Bij alles wat leeft, wil ik niet anders heten.

Geen enkele naam is zó bijzonder.

 

DUIVEL

Nu is al mijn werk weer mooi naar de donder,

tenzij ze die naam alsnog zal verzaken.

Liefste, voor wij een reis gaan maken,

moet je anders heten, al spijt je dat.

Anders moeten we scheiden. En dan nog wat:

beloof me één ding, en belofte maakt schuld.

 

MARIEKE

Wat moet ik beloven?

 

DUIVEL

                            Dat je geen kruisteken maken zult.

Al gaat een kwelling je krachten te boven,

bekruis je niet.

 

MARIEKE

                            Dat wil ik wel beloven.

Dat kruisjes slaan, daar hecht ik niet aan.

Maar mijn naam, die maak ik niet ongedaan,

want ik heet naar Maria, mijn toeverlaat

en mijn hoop. En als het niet goed met me gaat,

roep ik Haar aan om mij troost te geven.

Ook bid ik tot haar, elke dag even,

een gebedje dat ik als kind heb geleerd.

Maria wordt door mij geëerd

al zo lang ik kan denken, en nooit faal ik.

Haar te eren mag niemand vergeten.



DUIVEL

Nou ja, omdat je zo bent bezeten

van die naam, gedraag ik met netter

dan ooit: behoud dan de eerste letter,

de M dus, mijn vrouwtje lief en fijn:

je naam zal voortaan Emmy zijn.

Er zijn in jouw land al of niet getrouwden

die Emmy heten.

 

MARIEKE

                            Als ik mijn naam niet mag houden,

Moenen, dan, liever dan dat we uiteengaan zouden,

              die eerste letter. Dat is aangenomen.

Emmy heet ik, waar we ook zullen komen,

maar graag doe ik het niet.