De stille kracht
Louis Couperus


1900, proza
De stille kracht

Als het één van de kenmerken mag heten van een ‘klassieker’ dat het werk telkens opnieuw opeenvolgende generaties aanspreekt, dan geldt dit bij uitstek voor De stille kracht (1900) van Louis Couperus.

De thematiek van de roman blijkt zo rijk dat er steeds nieuwe betekenis en aanknopingspunten in worden gevonden. Zelf schreef Couperus in een brief van 1919:  ‘De Stille kracht geeft vooral weêr de geheimzinnige vijandschap van Javaanschen grond en sfeer en ziel, tegen den Nederlandschen veroveraar. Deze vaak verborgen hostiliteit is een mystiek element in het boek’. Zo werd de roman door de tijdgenoten ook gelezen en gewaardeerd: als een confrontatie tussen de westerse ideeën van de kolonialen in het toenmalige Nederlands-Indië en de autochtone, onderdrukte Javaanse bevolking.

Het Westen tegenover het Oosten, waarbij de Nederlandse ambtenaren en hun entourage te maken krijgen met een uiterlijk zeer eerbiedige, nederig voor hen buigende, zelfs letterlijk ‘loophurkende’ lokale bediening. Toch krijgen ze op geen enkele manier greep op het geheime verzet van de Javanen, dat herhaaldelijk als een ‘onuitzegbaar mysterie’ wordt omschreven. De Javanen leven hun eigen mysterie-leven, dat verborgen blijft voor de westerse blik. Hun eigen ‘stille kracht’, hun fier verzet tegen de onderwerping, zal in de roman uiteindelijk triomferen, zoals al aangegeven is in de openingszin. Daarin valt het woord ‘tragisch’ maar liefst twee keer.

Couperus heeft de tegenstelling Oost-West uitgewerkt rond de geschiedenis van de krachtige bestuursambtenaar Otto van Oudijck, een heersersfiguur die resident is in een Javaanse stad. In een uitgebreid psychologisch portret van hem en van zijn vrouw Léonie (een overspelige femme fatale die flirt met haar stiefzoon én met de aanstaande van haar stiefdochter) wordt heel expliciet getoond hoe hun ondergang onvermijdelijk is omdat ze geen voeling hebben met ‘de mystiek der zichtbare dingen op dat eiland van geheimzinnigheid’.

Het gezin van Van Oudijck valt uiteen, zijn vrouw verdwijnt naar Parijs en de resident trekt zich uiteindelijk terug in de desa met een inheemse vrouw en haar familie. Ook in hun vriendenkring van westerlingen heeft de angst dan al toegeslagen voor de geheimzinnige, ‘stille’ kracht die zich uit in tal van vreemde verschijnselen zoals tafeldansen en sirih-spuwen.

Tijdgenoten van Couperus voelden zich niet alleen aangetrokken tot deze mystiek, ze genoten ook van de beschrijving van de vrijere moraal van de kolonialen. Er werd wel ‘veel gedaan aan liefde’ in Indië, wat het boek een pikant ‘onzedig’ tintje gaf. Later, en zeker voor de lezers van vandaag, is daar nog het besef bij gekomen dat Couperus hier, heel vroeg al, scherp en nadrukkelijk kritiek uitte op het kolonialisme en de Europeaan ‘die zich inburgert in een land, vijandig aan zijn bloed’.

In de strijd tussen ‘Oosterschen tegenstand’ en de ‘Westersche ideeën’ kiest Couperus voor het verzet: zijn kritiek is zeer expliciet. Indië is ‘een reusachtige maar uitgeputte kolonie, steeds uit Holland bestuurd met éen idee: winstbejag’. De overheerser is dan weer een ‘kleine armzielige uitzuiger’. Deze analyse heeft een belangrijke rol gespeeld in de bewustwording rond de misstanden in het koloniale verleden. De stille kracht is daarom een erg belangrijke roman.

De stille kracht - Daniel

Louis Couperus

Louis Couperus
Louis Couperus (1863-1923) was getrouwd met een van zijn achternichten, maar vanwege zijn homoseksuele geaardheid stoelde dat huwelijk vooral op vriendschap.
 
Als schrijver is hij vooral bekend om zijn psychologische romans. Naast De stille kracht (1900) zijn werken als Extaze (1892), Eline Vere (1889) en Van oude menschen, de dingen, die voorbij gaan... (1906) echte klassiekers. Een deel van zijn werk behoort tot de naturalistische traditie. Eén titel vat zijn thematiek uit die periode bondig samen: Noodlot (1890).
 
Couperus was redacteur van De Gids en stond mee aan de wieg van Groot Nederland. Zijn oeuvre omvat ook historische en mythologische romans, poëzie, sprookjes, reisverhalen en journalistieke schetsen.
Om te ontsnappen aan de beklemming van de Haagse bourgeoisie heeft Couperus veel gereisd. Hij verbleef in Nederlands-Indië, maar ook in Frankrijk, Italië, Noord-Afrika en Japan. Naar die laatste bestemmingen reisde hij als correspondent voor de Haagsche Post.
 
Ondanks het grote belang van zijn werk vielen er Couperus maar weinig grote prijzen te beurt. Onder meer uit de vele vertalingen van zijn werk blijkt toch dat zijn succes al tijdens zijn leven de landsgrenzen oversteeg. Onder meer dankzij verscheidene verfilmingen blijft zijn werk ook nu nog steeds nieuwe lezers en liefhebbers vinden.

context

ontdek

  • Genootschapsdag Louis Couperusgenootschap: ‘Couperus en toneel’

    De jaarlijkse dag voor de donateurs van het Louis Couperusgenootschap staat dit jaar in het…

    Lees verder
  • De dingen die voorbijgaan

    Toneelgroep Amsterdam herneemt in 2018 zijn bewerking van Couperus' psychologische roman…

    Lees verder
  • Studiedag Couperus Genootschap

    De jaarlijkse dag voor donateurs van het Louis Couperus Genootschap vindt plaats op zondag…

    Lees verder